donderdag 9 juli 2026

NOSTALGIE moment => HVT Hoe es ’t meugelijk … 1978

Hoe es ’t meugelijk…
1978 eerste maal in Ontmoetingscentrum Ons Huis Hoe is meugelijk (10 jaar jong HVT) 
Speeldata waren 10-11– 12-17-18-19 februari
Met medewerking van Jazz-Dansgroep Heusden-Berkenbos (eerste maal met dansact).

Ge kunt dat aan niemand uitleggen die ’t nie meegemaakt heeft.
Ge moet er bij geweest zijn.
Want in Heusden ging dat toen zo: eerst miserie, dan veel miserie, en dan — als ge chance had — iets schoon waar ge jaren later nog om moest lachen.

’t Was midden jaren zeventig. De parochiezaal ging verbouwd worden. Goed nieuws, zeiden ze. Maar voor “ons” was dat maar half goed, want dat betekende weer zonder zaal staan. En als ge toneel speelt zonder zaal, ja, dan zijt ge precies nen vis zonder water. En toch klonk er ineens die typische kreet, half lach, half vloek:

“HOERA!… MAAR WAT ’N MISERIE!”

Maar zie, het geluk lag in Heusden soms zo dicht dat ge er bijna over struikelde. Ge moest gewoon de straat oversteken. Daar lag het nieuwe Ontmoetingscentrum Ons Huis. En dat werd, zonder dat iemand het toen wist, hun derde thuis.
Bij de eerste repetitie stonden ze daar rond te kijken alsof ze in den opera van Antwerpen terechtgekomen waren.

“Zeg, manneke… hier echoot het.”
“Zwijg en speel door.”

Plots was er ruimte. Licht. Een podium dat ni kraakte. Een zaal waar ge ni moest roepen om tot achteraan gehoord te worden. Luxe, vonden ze. Ze speelden misschien iets minder vaak, maar elke keer zat het vol. En ergens tussen twee repetities en drie pinten begon het te dagen: amai, wij doen dit hier al tien jaar.

Tien jaar. Hoe es’t meugelijk?

En toen kwam 1978.
Dat jaar waar alles kon.
Dat jaar waar niemand zich vragen stelde, maar iedereen gewoon deed.

Voor het eerst stonden er meiskes te dansen op het podium. Ballet. Dat was spannend, want ja… dat was nieuw. Maar het werkte. En hoe.

“’t Is precies ne echte revue geworden, zenne.”

Achter de schermen was het weer van dat. Glaswerken hier, uitbreiding daar, en hup — lokaal kwijt. Dus verhuisde heel de boel naar het kiekenkot van Warke Claes en naar de koestal van Stas. Decorstukken naast kippen. Kostuums tussen het stro.

“Ge rook eerst de koe, en dan pas de schmink.”

Maar niemand klaagde. Ze speelden voor goede doelen, organiseerden revuebalen waar ge dagen later nog hees van waart, en plots kwamen daar dingen bij die ze nooit verwacht hadden. Een tinnen schotel van de minister. En zelfs geld. Van de gemeente. 10.700 frank.

“Da was toen gene foefelarij.”

Er werd gefeest. Kermisbals. Grote bals. Muziek van Dino en de Juke Box Boy’s. Een pint kostte 18 frank. Nen Trappist 36.

“En ge had nog wisselgeld over.”

De jubileumrevue zelf? Dat was Heusden op z’n best.
Jef, een zatlap van ’t zuiverste soort. Altijd miserie.
Suska, die het allemaal probeerde recht te trekken.
De garde die wist waar ze moesten zijn.
Heel de straat in rep en roer.

En dan die baron, met zijn oude Minerva, panne natuurlijk. En ineens dat idee:

“We maken van Jef nen prins.”

Jozef de Eerste.

Heel het dorp in ’t complot. Maar Jef bleef Jef. Hij dronk. Hij genoot. Hij voelde zich prinsheerlijk. En toen hij besliste dat alle cafés moesten sluiten, wist ge: dit komt niet goed.

Chaos. Oorlog. Geroep. En Jef die van de trap tuimelt, recht naar boven. Bij Sinte-Pieter. Maar zelfs daar hield hij het niet uit. Hij hoorde Suska roepen, sprong van de wolk terug naar beneden, en Sinte-Pieter schreef het op zoals alleen hij dat kon:

“Ingekomen… uitgegaan…
maar hij komt er nooit meer in.”

Of toch niet.

Anno 2026

En nu zijn we 2026.
De zalen zijn anders. De tijden ook.
Maar als ge goed luistert in Ons Huis, of als ge iemand tegenkomt die er toen bij was, dan hoort ge het nog.

Een lach.
Een verhaal.
En altijd diezelfde zin:

“Hoe es’t meugelijk da we da allemaal gedaan hebben?”

Maar diep vanbinnen weten ze het wel.
Omdat het toen niet ging om perfectie.
Maar om goesting.
Om samen zijn.
Om plezier maken met wat ge had.

En dat, zenne…
dat is tijdloos.
Dank om de bijdrage van Maurice Mues aan dit verhaal & 't Heusdens Volksteater.